Woninginbraak

Niets is zo vervelend dan dat er bij u thuis is ingebroken. Een onbekende is in het huis geweest en heeft uw spullen aangeraakt of weggenomen. Nu zijn een cd-speler of televisie wel te vervangen maar dingen met emotionele waarde helaas niet.

Iedere minuut ‘bezoekt’ ergens in Nederland een inbreker een woning. Een aantal verrassende statistieken over inbraak in een woning:

• Een gemiddelde inbraak duurt 30 seconden.
• Slechts 1 procent van alle inbraken vindt plaats door het breken van een ruit.
• Negen van de tien inbraken vallen onder het begrip: gelegenheidsinbraak.

Eigenlijk komt het erop neer, dat gelegenheid inderdaad nog heel vaak de dief maakt. Een openstaand raampje, een slecht sluitende achterdeur. Ouderwetse of te eenvoudige sloten en sluitingen van ramen en deuren (het zogenaamde “hang- en sluitwerk”) – al die zaken nodigen verkennende inbrekers uit om het maar eens te proberen. Zorg daarom voor inbraakwerend hang- en sluitwerk, voorzien van het keurmerk SKG 2 sterren met R. Een donkere omgeving van het huis zorgt voor een andere mogelijkheid. Want uit de praktijk blijkt dat er drie factoren zijn waar inbrekers een enorme hekel aan hebben en die ze afschrikken, de drie “L’s”:

• Licht
• Lawaai
• Lang werk

Dat betekent dat een rondom goed verlichte woning, eventueel voorzien van (buiten)lampen met sensors die reageren op bewegingen of warmte van een naderend persoon en voorzien van goed zichtbare moderne sloten, weinig kans loopt om ongewenst bezoek te krijgen. Een woning die beveiligd is naar de beste geldende normen kan een officieel keurmerk krijgen: het Politie Keurmerk. Bij een dergelijke woning daalt het inbraakrisico, zo blijkt uit de praktijk, met maar liefst 95 procent. Op www.politiekeurmerk.nl en via de plaatselijke politie is informatie te verkrijgen over dit keurmerk en over woningbeveiliging in het algemeen.

En verder:

  • Laat nooit sleutels aan de binnenzijde van het slot zitten.
  • Berg huissleutels op een vast plaats op.
  • Houd de groenvoorziening rondom het huis laag.
  • Hang in de meterkast een kaartje met gegevens van personen die in geval van nood gewaarschuwd kunnen worden.
  • Merk waardevolle spullen met postcode/huisnummer.
  • Maak foto’s van waardevolle spullen en berg ze op in een kluisje of bij de bank.
  • Maak van uw huis geen etalage.
  • Berg ladders of ander klimmateriaal op achter slot en grendel.
  • Sluit ramen en deuren goed af.
  • Doe de deur altijd op slot (nacht- of penslot), zelfs als u maar heel even weg bent.
  • Geef eventueel een sleutel aan iemand die u kunt vertrouwen.