Rookmelder verplicht? Zo hang je hem op en test je hem

Rookmelder verplicht? Zo hang je hem op en test je hem

Een rookmelder is in Nederland verplicht: op elke verdieping met een woonkamer, slaapkamer of keuken moet minimaal één werkende melder hangen. Je hangt hem aan het plafond van de hal of overloop, op minstens 50 centimeter van de muur. Druk elke maand op de testknop en vervang het apparaat na tien jaar, want dan is de sensor op.

Die paar handelingen maken verschil, want rook wekt je niet. Wie slaapt, ruikt niets. Het brandalarm van een rookmelder is dan je enige wekker. Volgens de brandweer heb je bij een woningbrand vaak maar drie minuten om veilig buiten te komen.

Wanneer is een rookmelder verplicht?

Sinds 1 juli 2022 geldt de plicht volgens de brandweer ook voor bestaande woningen. Hij staat in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Het gaat om elke verdieping waar een woonkamer, slaapkamer of keuken ligt. Gebruik je de zolder of kelder alleen als berging of om de was te drogen, dan hoeft daar volgens de Rijksoverheid geen melder te hangen.

Wie de melders moet ophangen, hangt af van je woonsituatie:

Jouw situatie

Wie zorgt voor de rookmelders?

Je hebt een koopwoning

Jij, als eigenaar.

Je huurt

De verhuurder plaatst ze. Lees je huurcontract na: daarin kan staan dat jij de batterij controleert en vervangt.

Je woont in een appartement met een vve

Jij, in je eigen woning. De plicht geldt niet voor het trappenhuis of de entree.

Of je rookmelders echt hangen, controleert de brandweer niet: dat is aan de gemeente, die het in de praktijk nauwelijks kan nagaan. Hang ze daarom voor jezelf en je huisgenoten op, niet voor een controleur.

De juiste plek voor je rookmelder

Rook stijgt, dus een melder hoort aan het plafond. De belangrijkste plek is je vluchtroute: de hal en de overloop waar de slaapkamers op uitkomen. Houd bij het ophangen deze afstanden van de brandweer en de Rijksoverheid aan:

  • minimaal 50 centimeter van een muur of hoek
  • minimaal 30 centimeter van een lamp
  • niet bij een ventilator of ventilatieopening, boven de verwarming of op een tochtige plek
  • niet in de stoom van een kooktoestel of vaatwasser

De meeste melders hebben een sterke plakstrip, zodat je zonder boormachine klaar bent. Wil je meer zekerheid dan het wettelijke minimum? Hang er dan ook een in de buurt van de keuken, in de slaapkamers en in de woonkamer als daar een open haard of kachel staat. Laad je een e-bike of andere accu op in de garage aan huis, dan hoort daar er ook een. Hetzelfde geldt voor de plek waar je wasmachine en wasdroger staan.

Heb je een schuin plafond, zoals op een zolderkamer met een puntdak? Meet dan, zoals de brandweer adviseert, 90 centimeter vanaf de nok en bevestig de melder op de schuine wand. In de nok blijft een laag stilstaande lucht hangen, waardoor de rook de sensor daar te laat bereikt.

Een goede rookmelder kiezen

Kijk op de verpakking of het keurmerk EN 14604 erop staat. Dat is de Europese norm waaraan een rookmelder volgens de brandweer moet voldoen. Let verder op:

  • Een batterij die tien jaar meegaat. Dan hoef je tussendoor niets te vervangen.
  • Koppelbare melders. Gaat er één af, dan gaan ze allemaal af, zodat iedereen in huis tegelijk gewaarschuwd is.
  • Een aansluiting op het stroomnet laat je door een installateur doen. Ook zo’n vaste melder vervang je na tien jaar.

Voor wie doof of slechthorend is, bestaan melders die je koppelt aan een wek- en waarschuwingssysteem met lichtflitsen en een trilplaat onder je kussen. Zorgverzekeraars vergoeden zo’n systeem vaak, afhankelijk van de mate van gehoorverlies; je audicien weet wat er bij jouw verzekering geldt.

Een combimelder meet zowel rook als koolmonoxide. De brandweer raadt die alleen aan in een ruimte met een verbrandingstoestel. Zonder zo’n toestel hoort een koolmonoxidemelder op ademhoogte en een rookmelder aan het plafond. Dan heb je dus twee losse apparaten nodig, waarvan de koolmonoxidemelder je helpt bij het voorkomen van koolmonoxidevergiftiging.

Je rookmelder testen en onderhouden

Een melder die niet werkt, beschermt je niet. Het onderhoud kost je een paar minuten per maand:

  1. Druk elke maand op de testknop en houd hem even vast. Hangt hij hoog, gebruik dan een bezemsteel. Een makkelijk ezelsbruggetje is de eerste maandag van de maand.
  2. Haal er tegelijk een stofdoek of de stofzuiger langs. Stof in de sensor zorgt voor vals alarm of juist voor een melder die niets meer doet.
  3. Controleer of je het alarm overal hoort, ook met de deuren dicht. Volgens de brandweer moet het geluid overal minimaal 75 decibel zijn; een decibel-app op je telefoon meet dat voor je.
  4. Schrijf de aankoopdatum met watervaste stift op het apparaat en vervang het na tien jaar. De houdbaarheidsdatum staat meestal op de onder- of zijkant.

Geeft je melder elke minuut een kort piepje, dan is de batterij bijna leeg. Vervang die meteen en lever de oude in bij een inleverpunt voor batterijen.

Wat doe je als het brandalarm afgaat?

Dan telt elke seconde. Bespreek daarom vooraf met iedereen in huis hoe je vanuit elke kamer naar de voordeur komt. Leg de sleutels op een vaste plek bij de deur. Gaat het alarm, volg dan deze volgorde:

  1. Waarschuw je huisgenoten en ga via de kortste weg naar buiten.
  2. Sluit de deuren achter je, zo verspreidt de rook zich minder snel.
  3. Blijf bij rook laag bij de vloer.
  4. Ga naar de afgesproken verzamelplek op een eindje van je huis en kijk of iedereen er is.
  5. Bel 112 als je veilig buiten staat en noem je naam en volledige adres.

Een uitgewerkt stappenplan voor evacuatie helpt je om zo’n vluchtplan samen met je gezin op te stellen. Is het nog een klein brandje en kun je zonder gevaar weg, dan kan een brandblusser in huis het verschil maken. Zet naast 112 ook de andere belangrijke telefoonnummers in je telefoon, zodat je ze niet hoeft op te zoeken als het misgaat.

Kijk vandaag nog even omhoog in je hal en op je overloop. Hangt daar een melder, druk dan op de knop. Hoor je niets of hangt er niets, dan weet je wat je volgende klus in huis is.